Emigratieboek.nl - Blog van Margareth Hol - Een nieuw leven in Ierland







   
Zoek op deze site:
Blog van Margareth Hol - Een nieuw leven in Ierland

Week 17 - ‘Aliens’, lotverbintenis en Wit Licht


Ik ken Jacqueline van dertig jaar geleden. We zaten samen op de Kees Boekeschool in Bilthoven. Vier jaar KLOS, en daarna konden we voor de klas. We liepen elke dag vanaf het stationnetje naar die school in de bossen. Geen idee hebbend dat ik dertig jaar later dezelfde weg zou gaan. Achter de rouwkoets van mijn man.Jacqueline en ik woonden op kamers in een huis in Utrecht. Als haar man ook ernstig ziek wordt, vinden we elkaar terug. Haar man overlijdt 4 weken nadat ik Harry verlies. Lotgenoten! Die hebben geen woorden nodig om elkaar te begrijpen. Emigranten hebben dat ook. Het doet er niet toe naar welk land, wat je er doet, hoe je woont, je hebt iets gemeen. Iets dat je leven ingrijpend verandert . Zo veel omvattend dat het niet in woorden is te vatten. Al doe je nog zo je best...

“ We maken gewoon een regressie door,” zeg ik tegen Jacqueline, als we samen aan een zwembad op Gran Canaria liggen. Want er komen spontaan allerlei uitdrukkingen boven die we dertig jaar geleden bezigden. En daar moeten we zo ontzettend om lachen. Ze zijn te flauw om te herhalen, maar voor ons werken ze als een katalysator. We gieren het uit de hele tijd. Voorheen dacht ik bij een rouwproces alleen aan verdriet. Maar zo werkt het niet. Natuurlijk huil je. Maar er zijn net zo goed momenten dat je helemaal niets voelt. Vooral de eerste tijd, toen kon ik niet eens huilen. Het is er wel, de hele dag. Dat besef. Ik weet het al voordat ik wakker word. Ik dacht van tevoren dat ik mezelf zou blijven. Mezelf, met groot verdriet. Maar het gaat dieper. Ik ben van m’n anker afgeslagen. En dat veroorzaakt onvoorziene en onvoorspelbare reacties. Het helpt dat Jacqueline dat ook zo ervaart. Want aan de buitenkant zien we er hetzelfde uit, maar van binnen behoren we opeens tot een andere soort.

We voelen ons ‘Aliens’! Anderen spreken je taal niet meer. Je voelt je totaal niet aangesloten. Bevind je in een vacuum. Een vacuum tussen een leven met, en een leven zonder. We vragen ons af of dat ooit zal wennen, deze nieuwe status. We willen die status niet. ‘Weduwe’. Dat woord alleen al. Willen of kunnen ons geen voorstelling van de toekomst maken. We zijn de grip kwijt en dat vertaalt zich op tal manieren. Van oerstrerk tot heel kwetsbaar, van strijdbaar tot lamgeslagen en nog een heel scala daartussen.

Ontoerekeningsvatbaar, dat zijn we! Als ik “Fuck you, fuck you very, very much,” loop te zingen, dan voel ik dat ik dat niet zing omdat het toevallig een hit is. Dat de dochter van Jacqueline daarom moet lachen is mooi meegenomen. Die is potdomme op haar vijftiende haar vader verloren. Zij speelt een nummer voor ons af, op haar MP3. Het verdringt “Fuck you”, als het nummer van deze bijzondere vakantie. ‘Doe wat je altijd deed, toen ik er nog was’, van de cd ‘Wit Licht’,van Marco Borsato. We zullen er vele malen naar luisteren....

Jacqueline en ik gaan overdag met elkaar op pad en de avonden brengen we met haar dochter en vriendje door. Zo bezoeken we samen een prachtig subtropisch dierenpark; Palmitos. In de bus begint het schoolreisjesgevoel al. In het park worden we op de foto gezet met papegaaien. Direct is daar de link met die foto van lang geleden. Bij een rondvaartboot in Amsterdam. Allebei in een tuinbroek. Jacqueline toen nog met een bril op. Een enorme bril. Ik superslank, want net op dieet geweest. En nog zo’n foto van ons. Stralend tussen de schuifdeuren van onze kamers, waarvoor we de kasten tijdelijk hadden verwijderd omdat we een feest gaven. Allebei met dezelfde broek, speciaal voor deze gelegenheid gemaakt. Met roze en lichtblauwe bloemen. Errrug. Ons eindexamenfeest dat we in de tuin van haar moeder mochten geven, was beter geslaagd, zoveel herinneren we ons. Op wintersport met een heel stel. De vriendjes. De streken die we uithaalden. Tot we trouwden. Jacqueline verhuist met haar Ad naar het zuiden des lands en ons contact verwaterd. Zoals dat gaat... We belanden op een terrasje aan het strand. Ik: “Weet je wat? We bestellen een cocktail!” Jacqueline: “Ja! Met een portie gefrituurde inktvis.” En daar zitten we. Twee blonde dames van zekere leeftijd. ‘Aliens’.



Deel deze column met anderen (E-mail, Twitter, Hyves, Facebook, etc.)

Reacties


Een prachtig verhaal (weer).Alles zo helder en diep verteld.Met een glimlach gelezen. Liefs, Hannah

Hannah van den Broek




Prachtig geschreven uit dieper dan diep!

lique


Alle blogs op een rijtje
Lees ook deze titel

Andere blogs

Anneke Koorn
Avontuur in Istanbul


Marjan van den Dorpe
Onder de Spaanse zon


Pieter Mans
Volgende week misschien...


Brenda van den Brink
Verliefd op Jordanië


Roland en Barbara van Zeijl
A journey of a 1000 miles


Elisabeth Arts
Toekomstmuziek in Frankrijk


Stef Smulders
Italiaanse toestanden