Emigratieboek.nl - Blog van Marjan van den Dorpe - Onder de Spaanse zon







   
Zoek op deze site:
Blog van Marjan van den Dorpe - Onder de Spaanse zon

Week 14 - Semana Santa


De week vóór de Paasdagen is het hier in Spanje groot feest. Het is eigenlijk de belangrijkste week voor de Spanjaarden. Vanaf de zondag voor het Paasweekend worden er bijna dagelijks processies gehouden, maar de belangrijkste is op Palmzondag. Met groots vertoon trekken honderden middeleeuwse boeteprocessies door de steden en dorpen.

Deze processies stellen de lijdensweg van Jezus Christus en Maria voor. Vaak gaan deze processies gepaard met groepen trommelaars, met voorop de grote rouwtrommel. Door de straten klinkt dan het doffe gedreun ervan. Het is een onheilspellend en monotoon geluid. Op het ritme van deze trommels wiegen enorme beelden van Jezus en Maria. Gedragen door tientallen, in Málaga zelfs honderden, dragers. De heilige beelden staan op gigantische vergulden platformen die ‘Tronos’ genoemd worden en kunnen tot wel zesduizend kilo wegen. Deze processies kunnen wel tien uur duren en tijdens iedere stop moeten de dragers op hun hurken wachten totdat ze weer verder kunnen. Ook wordt regelmatig gestopt en moeten de dragers een groet brengen met het beeld. De voorste zakken door de knieën en de achterste blijven rechtop staan. Een loodzware klus. Er gaat dan ook een jaar van hard trainen aan vooraf.

Tijdens de laatste zeven dagen van het Christelijke Vasten of Veertigdagentijd herdenkt de Spanjaard het lijden, sterven en verrijzen van Jezus Christus. Boetedoening ligt ten grondslag aan de Semana Santa. Voor elke beeldengroep loopt een ‘dirigent’ die de groep in de maat laat lopen. Aan de gezichten van de dragers is duidelijk te zien dat het heel zwaar is. Semana Santa doet echt pijn. De dragers komen meestal uit meerdere plaatselijke broederschappen. Elke broederschap heeft zijn eigen kleur en symbolen. Een broederschap bestaat tijdens de processie uit, behalve dragers, ook uit mannen die elk een anderhalve meter lange kaars dragen. Hun gezichten zijn verborgen achter hooggepunte kappen. Daarin zijn alleen gaten voor de ogen in aangebracht.

Broederschappen zijn in de veertiende eeuw ontstaan, toen Europa geteisterd werd door de pest. Gelovige mensen in die tijd waren ervan overtuigd dat openbare boetedoening de enige remedie was om deze ziekte uit te bannen. Daarom sloten ze zich als boeteling (Nazareno) aan bij een broederschap. De maskers dragen ze om onherkenbaar te blijven. Tijdens de processie mag er niet gepraat worden. De enige die dat wel mag is de dirigent. Kinderen die aan de kant staan te kijken zijn niet bang voor de gemaskerde mannen. In tegendeel. Ze hollen op ze af en bedelen om het kaarsvet. Daar rollen ze dan grote ballen van. Als de dragers met het Mariabeeld passeren begint iedereen te klappen. Voor de dragers uit lopen kinderen met wierookbranders. De typische geur daarvan vult dan de straten.

Alle processies kennen een strak tijdschema en uit de pas lopen is er dan ook niet bij. Dat kost tijd en diegene die dat doet wordt vriendelijk doch dringend verzocht in de rij te blijven lopen. ,,Oh, que guapa”, klinkt uit de monden van de mensen die aan de kant staan te kijken. Plotseling klinkt er een bel en staat iedereen gelijk stil. Ook stopt het orkest met spelen. Alle aandacht gaat uit naar een man die luid een hartverscheurend klaaglied (saeta) met de volgende tekst ten gehore brengt: ,, Ay, ay, ay Maria, kon ik je zoon maar redden van het kruis. Ik zou er alles voor doen!” Zijn dramatische uithalen zijn hard en duren minutenlang. Het publiek houdt de adem in. Iedereen is doodstil. Als de man uitgezongen is wordt hij beloond met een luid applaus. Viva España roept dan iemand en dat wordt door de rest van het publiek beantwoord met Olé Olé.

Slecht weer zou voor de processies een regelrechte ramp zijn. Een heel jaar oefenen om de loodzware beelden te kunnen dragen zou dan voor niets zijn geweest. De eeuwen oude kwetsbare beelden kunnen helemaal niet tegen vocht laat staan regen. En regent het voor of tijdens een processie dan betekent het stoppen of niet beginnen en zou alle moeite voor niets geweest zijn. Is dat het geval dan is de sfeer in de broederschappen én bij het publiek op straat alsof Spanje de wereldbeker voetbal niet gewonnen heeft. Iedereen buigt het hoofd en velen mensen huilen zelfs. De dragers worden getroost en in de ingang van de broederschap nemen ze het beeld toch op hun schouders en wiegen het heen en weer. En onder luid applaus dragen ze het dan weer naar binnen.

Onze Spaanse leraar heeft uitgelegd dat juist tijdens de Semana Santa de kans op regen erg groot is. April is één van de natste maanden van het jaar en de viering van Pasen heeft dan ook nog eens met de stand van de maand te maken. Dit alles bij elkaar opgeteld resulteert in vaak regen gedurende deze week. Ook dit jaar kwam dat weer uit. Soms stortregende het, maar gelukkig net niet toen de processies door de straten trokken.

Nog enkele leuke wetenswaardigheden over Semana Santa. De beroemde acteur Antonio Banderas (van de film Zorro) is lid van een broederschap in Malága en is de leider van het dragen van de Virgin de Lágrimas y Favores (de Heilige Maagd van tranen en gunsten). Hij draagt tijdens de processie het traditionele gewaad met puntkap en zodoende weten slechts weinigen dat hij het is.

Ieder jaar wordt tijdens Samana Santa een gevangene vrijgelaten. Deze traditie is al ruim 250 jaar oud. Als dank voor het vervangen van pestslachtoffers in de processie besloot Karel III in 1759 om jaarlijks gratie te verlenen aan één gevangene. Drie misdadigers krijgen aan het begin van de heilige week te horen dat ze kans maken op vrijlating. Daarna lopen ze onder politiebegeleiding mee in de processie en één van hen wordt na de boetetocht werkelijk vrijgelaten.

Tijdens Semana Santa mag er geen vlees gegeten worden. Er zijn dan ook veel gerechten zonder vlees die juist dan gegeten worden. Eén van de meest bekende is: Las Torrijas. De eerste keer dat het gegeten werd is rond 1400. In 1607 stond het gerecht voor het eerst in een kookboek genaamd Libro de Cozina. In begin 1900 werd het officieel Las Torrijas genoemd en schonk men er een goed glas wijn bij. Waar wordt het van gemaakt? Oud brood, liefst eigen gebakken brood (wit), melk, ei, suiker, kaneel en een geraspte schil van een citroen of sinaasappel. Eerst de melk koken, daarna de boterhammen erin dompelen totdat ze helemaal volgezogen zijn met melk. Daarna in het geklopte ei dompelen. Bakken in hete boter totdat ze aan beide kanten mooi bruin zijn. Bestrooien met kaneel. de geraspte schil en suiker. Sommigen vervangen de melk door wijn of warme honing. Momenteel is het gerecht ook bekend in andere landen. In Noorwegen heet het ‘Arme riddere’, In Frankrijk ‘Pain perdu; in Engeland ‘French toast’ en in Nederland ‘Wentelteefjes’ Aproveche.. Eet smakelijk.


Deel deze column met anderen (E-mail, Twitter, Hyves, Facebook, etc.)

Reacties


Ik voel me helaas geroepen het één en ander toe te lichten. Ik ga niemand vertellen dat de spanjaarden heel erg gelovig/katholiek zijn, maar ...Feit: kinderen worden bij geboorte al bij een broederschap ingeschreven, meestal die waar de ouders naar de kerk gaan. Een nazareño is een boeteling, iemand die 'onherkenbaar voor anderen' boete doet, soms lopend op blote voeten,met puntkap op het hoofd. Behalve boetedoening kan het ook dankbaarheid zijn voor 'bewezen diensten', bv. genezing van een dierbare. De essentie is dat het niemand aangaaat dat je ergens boete voor doet of een gelofte inlast. De costaleros die de beelden dragen zijn gewone jongens met een gewone betaalde baan die het hele jaar droog oefenen,naar de sportschool of costaleroschool gaan, ze dragen gratis! Met Semana Santa zitten ze ónder het draagbaar, afgesloten, praktisch blind en volledig afhankelijk van hun capataz (leider). De muziek geeft niet alleen de looptempo/pas aan ( het moet wel synchroon) maar ook of óf en wát voor bocht er aan komt. Zeg maar een soort geheime code. EEn bocht/bukken is een zeer zwaar moment voor de dragers en daarom word er geklapt,voor hun kunde.Ere wie ere toekomt.Sommige dragers lopen zware blessures op en er is dan ook een speciale fonds/verzekering hiervoor. De muziek is niet wat ik rouwmuziek zou noemen,maar gewoon kerkelijke muziek net zoals Mattheus Passion maar minder bekend.Officieel mag er pas op zondagavond na de mis gesnoept/normaal gegeten worden, vandaar de zoetigheid die eigenlijk te vroeg wordt gegeten. Je mag immers pas na de wederopstanding 'feest' vieren. Maar bovenal is dit géén feeest maar een katholieke traditie! Ik reageer niet zo gauw maar dit moest me toch echt even van het hart. En ja, ik ben weliswaar katholiek,maar niet erg gelovig maar ik kom al jaren in Sevilla en ken bijna alle broederschappen en irriteer me weleens aan het áapjes kijkgedrag' Ik ben zowel Macarena als Gran Poder

Macarena


Alle blogs op een rijtje
Lees ook deze titel

Andere blogs

Margareth Hol
Een nieuw leven in Ierland


Anneke Koorn
Avontuur in Istanbul


Pieter Mans
Volgende week misschien...


Brenda van den Brink
Verliefd op Jordanië


Roland en Barbara van Zeijl
A journey of a 1000 miles


Elisabeth Arts
Toekomstmuziek in Frankrijk


Stef Smulders
Italiaanse toestanden